Home » Blog » Hij blijft altijd mijn broer

Hij blijft altijd mijn broer

Hij was acht. Mijn broer. Ik verloor hem toen ik vijf was. Onze moeder was net een maand daarvoor overleden, ze is als ik het goed begrepen heb meerdere jaren ziek geweest.

Mijn vader was min of meer voorbereid op het verlies van zijn vrouw, al was het loeizwaar om als man alleen achter te blijven met drie kleine kinderen. Maar wat er een maand later gebeurde is verschrikkelijk. Mijn oudste broer verongelukte op de fiets. Hij stak plotseling over, als een hert dat een soortgenoot ziet aan de overkant, in het groene gras. Hij werd geschept door een auto. Vierentwintig uur later overleed hij.

Ik moest dit schrijven van mezelf. Ik wil alles geschreven hebben. Ik wil alles eruit en op het papier. Het is raar. Ik ben nu eenenvijftig jaar, mijn broer werd acht, dus ik spreek nu van broertje, maar dat klopt eigenlijk niet. Hij is mijn broer!

In dit leven, anno 2018, heb ik vier springlevende broers rondlopen. Maar eigenlijk heb ik er vijf. Die wilde rakker van toen was het prototype van een spring-in-’t veld. En weet je, als klein kind leefde ik gewoon verder. En mijn andere broer ook. En het klinkt heel gek, maar vele jaren later is het gemis veel groter dan toen. Dat hangt misschien samen met het feit dat je dan ouder bent, en het besef er veel meer is. Misschien wordt het verdriet, of het gemis, ook wel groter gemaakt. Ik weet het niet. Wel weet ik, dat in de beginperiode na 1971, er nauwelijks gepraat werd over de gebeurtenissen. Mijn vader wilde niet dat er over gesproken werd. Dat was ondraaglijk voor hem. Terwijl het misschien helend had kunnen werken voor iedereen. Ik weet het niet. Ook mochten er geen foto’s op de schoorsteen en dat is best jammer. Ook mijn tweede moeder, waar mijn vader twee jaar later mee trouwde, wilde juist dat ze niet vergeten werden, vooral ook voor mijn andere broer en mij. Maar tegelijkertijd begrijp ik best, dat dat bijzonder confronterend en pijnlijk kan zijn. Misschien is dat juist een reden voor mij om het wél te delen, al is het maar via letters op een scherm.

Mijn broer heeft slechts een maand moeten rouwen om zijn moeder. Wij iets langer. Ik ben blij voor hem. Het hoofd van de school vroeg in die ene maand eens aan hem: ‘Wat is er jongen, waarom speel je niet?’ Hij antwoordde en zei: ‘Ik mis mijn moeder, ik wil naar haar toe.’

Voor sommige dingen in het leven zijn niet zoveel woorden nodig. Als er een hemel is, dan ben ik bijzonder blij voor hem. Ik stel mij dan voor, dat hij enorm veel plezier heeft, en alle geluk van de wereld! Ik bedoel, alle geluk van de hemel.


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.